Voorzichtig aftoetsen, op kousenvoeten, even de temperatuur opmeten. Aarzelend, alle mogelijke scenario’s lopen door mijn hoofd. Ik probeer te voorspellen hoe je gaat reageren, ik probeer je gemoedstoestand te lezen. Op die manier kan ik mijn denken en handelen op jou afstemmen. Lief zijn als je verdrietig bent, voorzichtig als je boos bent, enthousiast als je blij bent. Maar, hoe ben jij vandaag? Kon ik maar in je hoofd kijken, dan was deze oefening zoveel gemakkelijker. Het antwoord schuilt in de details. Ik moet heel aandachtig zijn, want anders heb ik het vast gemist. Kon ik maar denken wat jij denkt en voelen wat jij voelt. Als ik mijn hand in de jouwe leg, duw je mij dan weg? Of knijp je zachtjes en geef je me een knipoog? Ik voel zo graag jouw warme hand om de mijne, want dicht bij jou zijn is alles wat ik wil.
Twijfelend. Als jij vandaag een goede dag hebt, moet ik misschien weer niet naar school. Dan schrijf je een briefje en gaan we samen op stap. We drinken koffie, gaan iets eten en shoppen erop los. Dat vind je zo leuk. Je koopt altijd heel veel, en als ik flink en stil ben, krijg ik vast ook wel iets. Misschien mag ik vanavond wel later naar bed. Ik breng je koffie en masseer je voeten, en kijk mee naar een film die geen enkel ander kind mag zien, maar ik wel. Ik vecht tegen de slaap om nog iets langer bij jou te zijn. Alleen jij kan mij zo bijzonder doen voelen als je me toelaat in je wereld. We gaan samen in bad en daarna mag ik dicht bij jou slapen. Als jij het leuk hebt, voel ik mij helemaal warm vanbinnen. En dan vertellen we het niet tegen papa, die mag het allemaal niet weten. Wij hebben veel geheimpjes samen, want jij vertrouwt mij, alleen mij. Ik ben jouw allerbeste vriendin.
Ik denk dat dát liefde is, ik weet het heel erg zeker.
Maar soms ben ik heel erg in de war door al onze geheimen. Ik weet niet altijd zo goed wat we precies hadden afgesproken, wat ik wel of niet mag zeggen. Daarom ben ik meestal heel erg stil, want dan kan ik ook helemaal niets verkeerd zeggen. Als jij met andere mensen praat, kijk ik alleen naar jou, naar jouw gezicht en vooral naar je ogen. Die geven soms heel belangrijke signalen die ik niet mag missen. Ik moet op tijd je verhaal bevestigen, dat vind je leuk, dan gelooft iedereen jou, en is alles goed. Maar soms zeggen jouw ogen helemaal niets, dan staan ze dof en ben je zo ver weg. Ik voel me helemaal alleen als jij me buitensluit en in die eenzaamheid kruipt.
Vaak is het helemaal niet goed. Ik denk dan heel hard na over hoe het komt dat ik je zo boos of verdrietig heb gemaakt. Was ik niet stil genoeg? Volgende keer moet ik echt braver zijn. Misschien had ik niet goed opgeruimd. Had je nu gevraagd om de keuken én de badkamer te poetsen? Ik ben toch brood gaan halen deze ochtend? Nee, als je in een slechte bui bent, is het allesbehalve leuk. Dan ben ik dikwijls heel erg bang omdat je zo luid roept. Soms kan ik niets verzinnen om het beter te maken en dan haal je uit. Gelukkig gaat die pijn altijd snel weer voorbij. Het is de pijn van je woorden die het meeste nazindert. Ze verscheuren me zo hard. Maar terwijl ik huilend in mijn bed de slaap probeer te vangen, denk ik al aan morgen, een nieuwe dag waarop je misschien weer van me houdt, of misschien ook niet.
Ik denk dat dát geen liefde is, ik weet het heel erg zeker. Of toch niet? Ik voel me zo onzeker.
Lieve mama, borderline heeft het ons niet gemakkelijk gemaakt. Je wou zo graag je liefde geven, zonder te weten wat liefde is. Ik heb nu pas het gevoel dat ik weet wie je bent. Nu pas. Jouw strijd is nog niet gestreden, maar ik voel dat het ergste leed is geleden. We kunnen er nu zo veel beter mee omgaan, gerijpt door de jaren, gewapend met kennis en jouw steeds groeiende bewustzijn. Door je te leren begrijpen, zijn we zoveel gegroeid en voel ik dat jij uit de eenzaamheid klimt. Ik bewonder je kracht en je dagelijkse vechtlust om je demonen te overwinnen. Je grijpt je tweede kans in het liefhebben en moederen over je kleinkinderen, omdat onze jeugd zo snel is gevlogen, gevaporiseerd in de tijd die ons werd benomen. De onrust in je hoofd die mij zo vaak van dat warme en veilige gevoel heeft beroofd. In leuke en minder leuke tijden zal je mij dicht bij je vinden, daar waar ik altijd heb gestaan. Beloofd. Ik heb je lief zoals je bent. Ik zie je. Ik aanvaard je.
Ik weet dat dát liefde is, ik weet het wel heel erg zeker. Geef jezelf ook dit geschenk.